Nieuw: gratis btw-nummercontrole (VIES), auditfile viewer en rondrekening. Probeer de tools
Jaarwerk & box 3 / Complete gids

Werkelijk rendement box 3.
Wat telt mee, en per wanneer?

De tegenbewijsregeling laat cliënten hun werkelijke rendement doorgeven als dat lager is dan het fictieve rendement. Deze gids legt uit wat meetelt, welke stukken je nodig hebt en waar het misgaat.

Lees de gids
Redactie CijfersmidGecontroleerd op 17 september 20263 officiële bronnen
In het kort
Geen vrijstellingBij werkelijk rendement geldt geen heffingsvrij vermogen
Hele jaarOok wijzigingen ná 1 januari tellen mee
5,06%Percentage van de WOZ-waarde bij de bijtelling eigen gebruik vanaf 2026
Bron: officiële informatie, gecontroleerd op 17 september 2026
Het korte antwoord

Wat valt er onder werkelijk rendement in box 3?

Alle inkomsten uit het vermogen en alle waardeveranderingen in één kalenderjaar: ontvangen rente en dividend, plus de waardestijging of -daling van bezittingen zoals een tweede woning, aandelen of crypto. Vanaf 2026 telt ook een bijtelling voor eigen gebruik van een tweede woning mee. Gemaakte kosten mag je niet aftrekken.

Eerst het jaar, dan de route

De Belastingdienst rekent met het fictieve rendement, tenzij het werkelijke rendement lager is en je dat doorgeeft. Je betaalt daardoor nooit meer dan eerder is berekend. Tot er nieuwe wetgeving voor box 3 is, blijft dit uitgangspunt gelden.

Bepaal per belastingjaar welke route geldt: een afzonderlijke opgaaf werkelijk rendement voor oudere jaren, of verwerking binnen de aangifte inkomstenbelasting van het jaar zelf. Meng die twee niet in één dossier.

Wat telt mee?

OnderdeelToelichting
Ontvangen inkomstenRente op spaargeld, dividend op aandelen, huur
WaardeveranderingStijging of daling van tweede woning, aandelen of crypto; kan negatief zijn
Bijtelling eigen gebruik (vanaf 2026)Economische huurwaarde, of 5,06% van de WOZ-waarde naar rato van de dagen dat je de onroerende zaak kunt gebruiken
KostenNiet aftrekbaar bij het bepalen van het werkelijk rendement

Winst op het ene deel van het vermogen en verlies op het andere deel worden met elkaar verrekend. Is het totaal negatief, dan stelt de Belastingdienst het werkelijk rendement op € 0.

Welke stukken verzamel je?

  1. 01

    Jaaroverzichten van alle spaar-, betaal- en beleggingsrekeningen, inclusief ontvangen rente en dividend.

  2. 02

    Aan- en verkoopnota's van beleggingen en crypto in het jaar zelf.

  3. 03

    WOZ-beschikkingen en huuropbrengsten van een tweede woning of verhuurd pand.

  4. 04

    Bij eigen gebruik vanaf 2026: het aantal dagen dat de onroerende zaak beschikbaar was.

  5. 05

    Overzicht van schulden en de betaalde rente daarop.

Bij het werkelijk rendement kijkt de Belastingdienst naar het hele jaar, niet naar de peildatum van 1 januari. Beleggingen die in april zijn gekocht tellen dus mee.

Waar het misgaat

  • Rekenen met de peildatum in plaats van met het hele jaar.
  • Kosten aftrekken, wat bij werkelijk rendement niet mag.
  • Het heffingsvrij vermogen toepassen; dat geldt hier niet.
  • Een jaar met een negatief totaal als aftrekpost willen gebruiken; het rendement wordt dan op nul gezet.
  • Verschillende jaren met verschillende routes in één dossier mengen.
Veelgestelde vragen

Snel antwoord.

Voor welke jaren kan ik werkelijk rendement doorgeven?

Dat hangt af van het belastingjaar en de route. Controleer per jaar op de pagina van de Belastingdienst welke opgaaf of aangifte geldt.

Mag ik de kosten van een beleggingsrekening aftrekken?

Nee. Gemaakte kosten mag je bij het werkelijk rendement niet aftrekken.

Wat als het werkelijk rendement hoger is dan het fictieve?

Dan blijft het fictieve rendement gelden; je betaalt nooit meer dan eerder is berekend.

Bronnen & actualiteit

De officiële informatie erbij.

Gecontroleerd op 17 september 2026. Regels, bedragen en data kunnen per belastingjaar wijzigen; controleer de bron voor je situatie.

In Cijfersmid hoort dit bij Werkelijk rendement. Bekijk hoe het samenkomt in het dossier.